Ondersteuning van vso-leerlingen
De Thermiek biedt alle leerlingen op school ondersteuning in het halen van de onderwijsdoelen. We noemen dat de basisondersteuning.
Basisondersteuning
De (intensieve) basisondersteuning is ingebed in ons dagelijks onderwijs en sluit aan bij de verschillende leerroutes (zie hoofdstuk 2.3). Zo kan elke leerling de onderwijsdoelen behalen, in een veilige, gestructureerde leeromgeving. In ons mytyl- en tyltylonderwijs valt de intensieve samenwerking met het revalidatiecentrum ook onder de basisondersteuning. De individuele behoefte aan ondersteuning en hoe de school die invult beschrijven we voor iedere leerling in het ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). Dit plan wordt jaarlijks bijgesteld en besproken met de ouders.
Kenmerken basisondersteuning
Ondersteuningsbehoeften
- Zeer intensief tot op afroep.
Personele inzet
- Gemiddeld tot meer dan gemiddeld aantal fte’s nodig vanwege de verschillen in verzorgings-, therapie- (eventueel halen en brengen) en individuele begeleidings-/ instructiebehoefte.
- Personeel is altijd in de nabijheid van de leerling, in verband met veiligheidsaspecten en/of medische risico’s.
- Grote betrokkenheid van de intern begeleider, de gedragsdeskundige en waar nodig de maatschappelijk werker.
- Begeleiding bij intensieve gezinssituatie.
- Dagelijkse inzet van een schoolverpleegkundige.
Onderwijs- en zorgaanbod
- Ons aanbod is gericht op het vergroten van de zelfstandigheid, leren leren en sociale zelfredzaamheid.
- Inzet ondersteunde communicatie met picto’s, gebaren en verwijzers.
- Het onderwijsaanbod is individueel of in kleine groepen.
- Zoveel mogelijk een afgestemd individueel onderwijsprogramma.
- Onderwijzend personeel is initiatiefnemer, de leerling komt uit zichzelf nauwelijks tot leren. Waar mogelijk wordt initiatief nemen bij de leerling gestimuleerd.
- Het onderwijsaanbod is functioneel, direct toepasbaar en gericht op de praktijk.
- Afwisseling van inspanning en ontspanning is noodzakelijk. Een taakspanne is vaak 0-5 of 5-10 minuten, maximaal 20 minuten.
- Bij hoogfrequente therapieën kan er verlies zijn van onderwijs- en instructietijd.
De (intensieve) basisondersteuning is ingebed in ons dagelijks onderwijs en sluit aan bij de verschillende leerroutes (zie hoofdstuk 2.3). Zo kan elke leerling de onderwijsdoelen behalen, in een veilige, gestructureerde leeromgeving. In ons mytyl- en tyltylonderwijs valt de intensieve samenwerking met het revalidatiecentrum ook onder de basisondersteuning. De individuele behoefte aan ondersteuning en hoe de school die invult beschrijven we voor iedere leerling in het ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). Dit plan wordt jaarlijks bijgesteld en besproken met de ouders.
Kenmerken basisondersteuning
Ondersteuningsbehoeften
- Zeer intensief tot op afroep.
Personele inzet
- Gemiddeld tot meer dan gemiddeld aantal fte’s nodig vanwege de verschillen in verzorgings-, therapie- (eventueel halen en brengen) en individuele begeleidings-/ instructiebehoefte.
- Personeel is altijd in de nabijheid van de leerling, in verband met veiligheidsaspecten en/of medische risico’s.
- Grote betrokkenheid van de intern begeleider, de gedragsdeskundige en waar nodig de maatschappelijk werker.
- Begeleiding bij intensieve gezinssituatie.
- Dagelijkse inzet van een schoolverpleegkundige.
Onderwijs- en zorgaanbod
- Voor leerroute 1-3 is het aanbod gericht op vergroten zelfstandigheid, leren leren en sociale zelfredzaamheid. Voor de leerroute 4-7 is het aanbod gericht op doorstroom naar vervolgonderwijs, variërend van vso-zml tot havo/vwo.
- Inzet ondersteunde communicatie met picto’s, gebaren en verwijzers.
- Onderwijsaanbod in leerroute 1-3 is individueel of in kleine groepen. Het onderwijs in leerroute 4-7 wordt aangeboden in groepen van 10 tot 14 leerlingen, waarbij leren met en van elkaar een vast onderdeel is.
- Het onderwijs in leerroute 1-3 is zo veel mogelijk individueel afgestemd. In leerroute 4-7 is groepsonderwijs de basis, binnen de groep wordt gedifferentieerd.
- In leerroute 1-3 is het onderwijzend personeel meestal de initiatiefnemer, de leerling komt uit zichzelf nauwelijks tot leren. Waar mogelijk wordt initiatief nemen bij de leerling gestimuleerd. In leerroute 4-7 worden leerlingen actief betrokken bij de invulling van hun (leer)doelen.
- Het onderwijsaanbod in leerroute 1-3 is functioneel, direct toepasbaar en gericht op de praktijk. In leerroute 4-7 varieert het onderwijsaanbod van praktijkgericht (leerroute 4-5) naar meer theoretisch (leerroute 5-7).
- Afwisseling van inspanning en ontspanning is noodzakelijk. In leerroute 1-3 is een taakspanne vaak 0-5 of 5-10 minuten, maximaal 20 minuten. Bij leerroute 4-7 wordt dit uitgebouwd naar 45 minuten.
- Bij hoogfrequente therapieën kan er verlies zijn van onderwijs- en instructietijd.
Omgeving
- Gebruik van extra ruimtes voor individuele begeleiding.
- Toepassing van preventieve veiligheidsmaatregelen.
- Voor leerroute 1-3 een vaste, voorspelbare structuur en zoveel mogelijk een prikkelarme omgeving.
- Voor leerroute 4-7 een vaste voorspelbare structuur, maar met flexibiliteit tot aanpassingen hierin.
Extra ondersteuning
Leerlingen die méér nodig hebben dan de basisondersteuning, kunnen rekenen op extra ondersteuning. Deze stemmen we af op de individuele onderwijs- en ondersteuningsbehoeften en leggen we vast in het ontwikkelingsperspectiefplan (OPP) van de leerling. Bij extra ondersteuning denken we aan inzet van NT2-leerkrachten, coaching door eigen Geef me de 5-specialisten, beschikbaarheid van persoonlijk begeleiders en samenwerking met Visio. Individuele begeleiding valt niet onder de extra ondersteuning van ons aanbod.
Grenzen aan onze ondersteuning
Onze school is gericht op leerlingen waarbij de motorisch/ medische problematiek de reden van plaatsing is. Onze doelgroep omvat een groot aantal fysiek en sociaal-emotioneel kwetsbare leerlingen. Als er sprake is van bijkomende problematiek op het gebied van visusbeperkingen, auditieve beperkingen, sociaal-emotionele ontwikkeling of gedrag, ligt het aan de mate van de ondersteuningsbehoefte of wij passend onderwijs kunnen bieden. Met betrekking tot gedragsproblematiek hanteren we de grens dat de veiligheid van andere leerlingen, de leerling zelf en personeel niet in het gedrang mogen komen. De kwetsbaarheid van onze doelgroep is hierin een belangrijke factor. Met betrekking tot auditieve en visuele beperkingen hanteren we de grens dat er geen volledig individueel onderwijsprogramma moet worden aangeboden, maar dat de leerling deel kan nemen aan het groepsaanbod. Een kind met ernstig meervoudige beperkingen moet het onderwijsaanbod dat we de EMB-leerlingen bieden aankunnen en moet deel kunnen nemen aan het dagprogramma in de groep. In het programma voor de EMB-groepen werken we aan de doelen uit de Plancius-leerlijnen. Wij kunnen geen volledig individueel onderwijsprogramma bieden.